arrow-left-lightarrow-leftarrow-right-lightarrow-rightarrow-thin-left arrow-thin-right browser-search cup heart indicator laptop layers layout-4boxes layout-sideleft mail-heart mail map-pin mixer mouse nav paintbucket pencil-ruler phone picture play video
Insights On Topic

Teamwork in het college van de gemeente

Tekst: Michiel Janssen

Veel colleges van burgemeester en wethouders weten de collegeperiode niet zonder verlies van één of meer wethouders uit te zitten, veelal als gevolg van een vertrouwensbreuk of door de stijl van opereren en communiceren. Vooraf investeren in het college als team is daarom zeer gewenst en leidt tot effectievere samenwerking, een kleinere kans op conflicten en uitval, en een gezonde voedingsbodem voor realisatie van het coalitieprogramma.

Slechts in 161 gemeenten wisten de teams van wethouders de collegeperiode van vier jaar ongeschonden door te komen. 627 van de in totaal 1506 (4 op de 10) wethouders maakten hun ambtsperiode niet af, zo blijkt uit het onderzoek “Wethouders in collegeperiode 2010-2014”, uitgevoerd door DeCollegetafel. In ruim de helft van die gevallen struikelden de wethouders over een politieke vertrouwensbreuk, zoals bijvoorbeeld een conflict over budgetten of beleid. De stijl en wijze van optreden en communiceren blijken in toenemende mate een factor waardoor wethouders in de problemen zijn gekomen.

Talloze voorbeelden in de krant en op nieuwssites illustreren welke problemen colleges ondervinden in de samenwerking, zowel onderling als met de raad. Een willekeurige greep uit de berichtgeving: “Gebrek­ki­ge com­mu­ni­ca­tie was de be­lang­rijk­ste re­den om het ver­trou­wen in het col­le­ge op te zeg­gen” (Ede). "De samenwerking binnen het college is onder de maat gebleven" (Alkmaar). En in Montfoort kondigt een wethouder zijn vertrek aan omdat binnen het college stukken voor elkaar zouden worden achtergehouden en de afspraken uit het coalitieakkoord werden geschonden.

De na de gemeenteraadsverkiezingen nieuw gevormde colleges hebben baat bij een basis van onderling vertrouwen en acceptatie, met werkbare afspraken over samenwerking en communicatie. Zo schrijft de rekenkamer van Leiden hierover in de evaluatie van het vorige bestuursakkoord: “Cultuur wordt gemaakt door mensen. […] Dit vertaalt zich in vroegtijdige aandacht voor het gewenste profiel van wethouders (krachtige bestuurder, teamspeler, persoonlijke stijl […]), om te komen tot een daadkrachtig team dat het volgende […] college vormt.” In de praktijk besteden de meeste colleges echter weinig tijd aan teamvorming, terwijl dit de samenwerking effectiever zou maken en veel ellende zou helpen voorkomen.

Te weinig aandacht voor de relatie
Een nieuw gevormde coalitie stelt, veelal na stevige onderhandelingen, gezamenlijk het coalitieakkoord op. Samenwerking ontstaat hierdoor vanuit de inhoudelijke component. De relationele oneffenheden zijn op dat moment ondergeschikt aan de politieke agenda. Onterecht, omdat gaandeweg inhoudelijke geschillen de kop op steken die extra druk op de relaties zetten en daardoor stress veroorzaken. Niet altijd is er dan voldoende vertrouwen aanwezig om samen tot een bevredigende oplossing te komen. Dat lukt alleen maar met goede zorg voor teamwork vóóraf.

Effectieve samenwerking

Veel colleges zijn zich bewust van de noodzaak om te investeren in het eigen team. Ieder lid van een team heeft verschillende stijlen, behoeften en verwachtingen. Niet zelden staan deze verschillen effectieve samenwerking in de weg, terwijl ze in feite een grote potentiële kracht vormen. De uitdaging is om de verschillen te begrijpen: meer begrijpen van onszelf, van anderen en hoe we de verschillen kunnen gebruiken om onze relaties en samenwerking te optimaliseren. Hiermee ontstaat inzicht in de persoonlijke kwaliteiten en voorkeuren en de manier om deze zo effectief mogelijk in te zetten. In meerdere gemeenten heeft het college deze zomer geïnvesteerd in het eigen team, zodat een gezonde voedingsbodem ontstaat die nodig is voor de realisatie van het coalitieprogramma. Voor de colleges die deze stap nog niet hebben gezet: het is nog niet te laat.

Het smeden van een hecht team kost tijd
Na de formatie komen wethouders in het nieuwe college en veranderen de onderlinge verhoudingen. In het team van B&W word je als wethouder geacht het politieke spel wat meer los te laten en met de andere B&W-leden samen het coalitieprogramma tot uitvoering te brengen. Collegialiteit zal hoog in het vaandel moeten staan; je moet elkaar ook wat gunnen. Loyaliteit en hechte relaties zijn hierbij essentieel. Het smeden van een hecht team, waarin aandacht is voor de onderlinge verhoudingen vraagt tijd, die het college zich helaas niet altijd gunt. Daarom opereren veel colleges als een set van individuen in plaats van een sterk team dat gezamenlijk de gemeente bestuurt. De effectiviteit van colleges staat hierdoor onder druk en conflicten liggen op de loer.

Nieuwe uitdagingen vragen extra aandacht voor teamwork
Veranderingen in de samenleving hebben flinke impact op de rol van de gemeente en daarmee op de rol en werkwijze van het college. Hieronder enkele belangrijke uitdagingen die een gezamenlijk gedragen aanpak vragen.

  • Door het beleggen van verantwoordelijkheden bij de lokale overheid fungeert de gemeente steeds vaker als opdrachtgever bij grootschalige vernieuwingen. Hoe geef je professioneel opdrachtgeverschap vorm, welke kwaliteiten vraagt dat van het college als opdrachtgever? Staat de wethouder voor zorg en welzijn er bij de 3D- decentralisatie bijvoorbeeld alleen voor en zijn de anderen benieuwd hoe hij/zij het er vanaf brengt? Of draagt het college de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor professioneel opdrachtgeverschap, zodat de wethouder gebruik kan (en zal) maken van de kwaliteiten van andere leden? Bijvoorbeeld omdat deze meer ervaring hebben opgedaan met grootschalige projecten in de bouw?
  • Regionale samenwerking wordt steeds belangrijker, waardoor bestuursverantwoordelijkheid wordt gedeeld met andere gemeenten en colleges. Hoe ga je als team om met het inleveren van de autonomie? Hoe ga je – gezamenlijk – om met de extra druk die hierdoor ontstaat op de samenwerking met de gemeenteraad?
  • Colleges zoeken antwoorden hoe zij, ten gevolge van alle bezuinigen, maatschappelijke initiatieven van burgers en ondernemingen meer ruimte kunnen geven. Maar hoe realiseer je dit in de turbulente fase van bestuurlijke vernieuwing? Hoe geef je ruimte aan een dialoog met de samenleving terwijl je geacht wordt een daadkrachtig bestuursakkoord te realiseren? Wat doe je als maatschappelijke initiatieven niet in het beleid passen? Wat is hierbij de rol van het college en hoe houden we elkaar scherp op die rol?

 

Voorbeeldgedrag heeft positief effect op het gedrag van ambtenaren en burgers
Bovenstaande uitdagingen vragen een verandering van rol en werkwijze, en zeker ook van houding en gedrag. Burgemeester en wethouders zijn belangrijk als rolmodel voor de verandering van de bestuurscultuur binnen de gemeente. Voorbeeldgedrag van bestuurders heeft een niet te onderschatten positief effect op het gedrag van ambtenaren én burgers. Maar het consistent vertonen van voorbeeldgedrag lukt alleen als B&W dit als gemeenschappelijk doel omarmen, scherp blijven op elkaars houding en gedrag, en optimaal samenwerken met aandacht voor onderling vertrouwen, betrokkenheid en gezamenlijke verantwoordelijkheid.

Michiel Janssen

Michiel Janssen, eigenaar van BuroCocon en verbonden aan De Beuk Organisatieadvies, is werkzaam in alle lagen van het openbaar bestuur op het gebied van verbetering van teameffectiviteit. Hij begeleidt veranderingen in de (semi) publieke sector en bij technologische bedrijven, als organisatieadviseur, trainer en coach. Ook begeleidt hij veranderingen in de lokale participatiesamenleving. Zijn enthousiaste en open aanpak creëert beweging en gedragen verantwoordelijkheid voor het eindresultaat.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *